De samensmelting van de supermarktketens Albert Heijn en Delhaize wil niet vlotten. De Belgische Mededingingsautoriteit (BMA) bepaalde bijna een jaar geleden dat de Nederlandse AH-moedermaatschappij Ahold acht filialen moest afstoten, maar dat is nog altijd niet gebeurd. Voorlopig wil niemand de twee Vlaams-Brabantse vestigingen in Leuven en Boortmeerbeek overnemen.

De Nederlandse supermarktgroep Ahold is vorig jaar gefuseerd met de Belgische supermarktketen Delhaize. Maar in ons land is die fusie officieel nog niet afgerond. Ahold moest van de Belgische Mededingingsautoriteit 8 van de 42 winkels in België verkopen aan een andere supermarktketen, inclusief personeel. De fusiegroep Ahold Delhaize ­zou anders te machtig worden.

Maar dat lukt niet. “Zolang de winkels niet verkocht zijn, blijven Albert Heijn en Delhaize concurrenten”, zegt Maud van Gaal, woordvoerster van Ahold Delhaize. Grote spelers als Carrefour en Colruyt hebben voorlopig geen plannen om de vestigingen van Albert Heijn over te nemen.

Medewerkers van de supermarktketen zijn verontrust. En ook gefrustreerd omdat niet wordt geïnvesteerd in de bestaande winkels en de interimkrachten niet gemotiveerd zouden zijn. “Groenten verdorren en vlees ligt soms tot na de vervaldatum in de winkelrekken”, zeggen ze.

Sally Herygers, woordvoerster van Albert Heijn in België, ontkent dat. “We blijven investeren in al onze winkels, ook in de filialen die we moeten verkopen. We werken inderdaad met een percentage aan interimkrachten, maar die mensen worden goed opgeleid.”

Bij de Belgische Mededingingsautoriteit luidt het dat de procedure loopt. “In elke beslissing staat dat men kan vragen dat de voorwaarden gewijzigd worden, maar daartoe is momenteel geen verzoek ingediend”, zegt voorzitter Jacques Steenbergen. De verkoop van de winkels is wel degelijk aan een termijn verbonden. “Maar die termijn is vertrouwelijk.”