De Vlaamse regering heeft vrijdag beslist om drie gemeenten in Vlaams-Brabant bijkomend te erkennen voor de natuurramp van 23 juni 2016. Het gaat om Landen, Linter en Zoutleeuw in het Hageland. Dat heeft het kabinet van minister-president Geert Bourgeois (N-VA) gemeld.

Noodweer met een windhoos en hagel berokkende die dag veel schade aan landbouwers en fruittelers in de betrokken gemeenten. De gewassen en de oogst werden op bepaalde plaatsen onherstelbaar beschadigd.

Op voorstel van Bourgeois heeft de Vlaamse regering het geografisch gebied dat getroffen werd door de natuurramp van 23 juni 2016 uitgebreid met de drie gemeenten. Op 25 november 2016 was het besluit goedgekeurd waarbij de windhoos en de rukwinden met lokaal karakter als een algemene ramp werden beschouwd. Daarbij werd ook de geografische uitgestrektheid afgebakend.

De Limburgse gemeenten Borgloon, Wellen en Sint-Truiden in Haspengouw kwamen in aanmerking voor het indienen van schadeclaims. Door de erkenning van Landen, Linter en Zoutleeuw kunnen nu ook getroffenen uit deze gemeenten een aanvraag indienen om voor geleden schade vergoed te worden door het Vlaams Rampenfonds.

De erkenning liep vertraging op omdat de gemeenten geen volledig dossier hadden ingediend. Nadien werd voldoende bewijsmateriaal aangeleverd. Na publicatie in het Belgisch Staatsblad hebben de getroffenen drie maanden de tijd om hun dossier in te dienen bij het Vlaams Rampenfonds.