De federale ministers Kris Peeters (CD&V) en Willy Borsus (MR) hebben vrijdag de aanvraag van Leuven tot erkenning als toeristisch centrum voor het hele grondgebied van de stad ingewilligd. Dat heeft vooral gevolgen voor het shoppen in het kernwinkelgebied van de binnenstad. Elke eerste zondag van de maand wordt een koopzondag.

Leuven had de erkenning aangevraagd op verzoek van een substantieel deel van zijn handelaars. De Vlaamse regering had op 30 januari 2017 een positief advies gegeven. Het was alleen nog wachten op groen licht van de federale ministers Peeters (Werk en Economie) en Borsus (Middenstand, Zelfstandigen en Kmo’s). Het statuut van toeristisch centrum biedt handelaars meer afwijkingen op de wekelijkse rustdag.

Het initiatief voor de aanvraag ging uit van de vzw Liefst Leuven, die 860 van de ruim 2.000 handelaars op het Leuvense grondgebied vertegenwoordigt. De betrokken handelaars van het kernwinkelgebied hadden eerder afgesproken om van elke eerste zondag van de maand een thematische koopzondag te maken.

“Door gebruik te maken van de afwijking konden de winkels tot dusver vijftien zondagen per jaar de deuren openen. Nu worden er dat ruim twintig, de speciale zondagen meegerekend”, zegt Erik Vanderheiden (CD&V), schepen van Handel. “Die kleine winst is voor de handelaars voldoende. Zij houden rekening met de balans tussen werk en privéleven. Het stadsbestuur volgt hen daarin volkomen.”