De provincieraad van Vlaams-Brabant keurde de verlenging van het subsidiereglement voor fietssnelwegen met een jaar goed. Dat loopt nu tot eind december 2018. Hierdoor kunnen gemeenten verder werken aan de uitbouw van een fietssnelwegennet, in afwachting van Vlaamse subsidies.

“Het provinciaal subsidiereglement voor de fietssnelwegen loopt eind dit jaar af. Met deze verlenging willen we een vacuüm voorkomen”, zegt Tom Dehaene, gedeputeerde voor mobiliteit. “We wachten op een meer gelijklopende regeling voor alle provincies vanuit Vlaanderen. Door de verlenging  zijn gemeenten zeker dat ze subsidies krijgen, in afwachting van de definitieve Vlaamse regeling.”

Met het reglement kunnen gemeenten in Vlaams-Brabant tot honderd procent provinciale subsidies krijgen voor fietssnelwegen.  De subsidies zijn bedoeld voor infrastructuurwerken op het traject van achttien geplande fietssnelwegen: vijftien in de rand rond Brussel en drie in het arrondissement Leuven.

Deze fietssnelwegen zullen het grondgebied van 31 Vlaams-Brabantse gemeenten doorkruisen. Het gaat om Aarschot, Asse, Beersel, Bierbeek, Boutersem, Diest, Dilbeek, Drogenbos, Grimbergen, Halle, Herent, Hoeilaart, Holsbeek, Kortenberg, Kraainem, Leuven, Linkebeek, Machelen, Meise, Merchtem, Rotselaar, Scherpenheuvel-Zichem, Sint-Genesius-Rode, Sint-Pieters-Leeuw, Steenokkerzeel, Tervuren, Tienen, Vilvoorde, Wemmel, Zaventem en Zemst.

De aanlegkosten van de infrastructuur worden voor veertig procent gesubsidieerd door het Vlaamse Gewest en voor zestig procent door de provincie. De ontwerp- en studiekosten worden afhankelijk van de route voor veertig of honderd procent gesubsidieerd door de provincie.

Voor alle projecten gelden strenge kwaliteitseisen voor de keuze en het ontwerp van het traject en de uitvoering van de infrastructuur. De provincie trekt 3,8 miljoen euro uit voor subsidies voor fietssnelwegprojecten in 2018. In 2019 is er 3 miljoen euro opzijgelegd.