Mercedes_Sprinter_frontSlechts drie op tien kmo’s zijn bereid om het eigen materieel te delen met andere bedrijven. Dat blijkt uit een rondvraag van Unizo bij 855 ondernemers. Vier op tien ondernemers vinden dat ze een vijfde van het bedrijfsmaterieel zoals bestelwagens en ladders niet maximaal benutten. Praktische afspraken beschouwen ze als de grootste struikelblokken. Onder meer rond het kostenplaatje en energie.

Voor particulieren bestaan vandaag al heel wat initiatieven maar samenwerking tussen kleine en middelgrote ondernemingen is nog braakliggend terrein. “Neem een bestelwagen, toch een serieuze investering. Als je die maar een paar keer per jaar gebruikt, dan wordt die in verhouding nog duurder”, zegt Unizo-topman Karel Van Eetvelt. “Als je ervoor kan zorgen dat ook andere bedrijven je bestelwagen gebruiken, dan levert dat een besparing op en rendeert de investering.”

Bij dit soort deeleconomie komen onvermijdelijk praktische problemen kijken. Zo weten vier op tien ondernemers niet goed hoe ze het praktisch moeten aanpakken. Wie betaalt de energiekosten? Wie zorgt voor de nodige attesten? Ervaring is de leermeester, vindt Unizo. De ondernemersorganisatie juicht alle initiatieven rond deeleconomie toe, maar hoedt zich wel voor extra reglementering.

“Als ondernemers te veel bezig moeten zijn met vaak overbodige papieren en regels, dan haken ze af.” Iedereen moet bovendien de bestaande wetgeving respecteren. “Projecten als Uber en airbnb zijn waardevolle initiatieven. Maar als ze minder strenge spelregels moeten volgen, ontstaat oneerlijke concurrentie.”

Een vijfde van de respondenten is beducht voor de tijdsinvestering die het delen teweegbrengt. Bijna een op acht ondernemers is bezorgd over het wantrouwen tussen de bedrijven. Een op tien meent dat de wetgeving niet aangepast is aan deeleconomie en heeft schrik voor concurrentie. De afstand tussen delende bedrijven wordt door slechts een heel kleine minderheid (2,7 procent) als een struikelblok beschouwd.