Het aantal vijftigers met een job is de voorbije twintig jaar meer dan verdubbeld in Vlaanderen. Vandaag zijn 700.000 50- tot 59-jarigen aan de slag. Dat becijferde het Steunpunt Werk van de KU Leuven.

In Vlaanderen werkten vorig jaar voor het eerst evenveel vijftigers als dertigers. Dat is een historisch keerpunt. Als de groep vijftigers de komende jaren met pensioen gaat, staan er onvoldoende jongeren klaar om hun plaats in te nemen.

Voor iedere vijftiger die werkte, telde Vlaanderen in 1996 bijna drie werkende dertigers. Nu staat er tegenover iedere werkende vijftiger maar een dertiger die werkt. Als die babyboomers doorstromen naar hun pensioen dreigt op de arbeidsmarkt krapte te ontstaan.

De komende tien jaar zullen er 700.000 55-plussers meer de arbeidsmarkt verlaten dan dat er 55-plussers bij komen. Dat zijn 700.000 jobs waarvoor nieuwe arbeidskrachten gevonden moeten worden. Zonder genoeg jongeren om die plaatsen in te nemen.

Als we ook werknemers ouder dan 60 jaar meerekenen, dan is in Vlaanderen maar 59,1 procent van de ­50-plussers aan de slag. In Europa werkt gemiddeld 63,4 procent van de 50-plussers. In Zweden, de beste leerling van de klas, is 79,6 procent nog actief op de arbeidsmarkt. Vlaanderen rijdt achteraan in het peloton, ergens tussen Italië en Cyprus.

De grote aanwezigheid van vijftigers stelt bedrijven voor belangrijke uitdagingen. “Ze dachten te vaak dat die zouden uitstromen via brugpensioen. Bedrijven moeten de loopbaanbegeleiding anders gaan organiseren.”