In Zemst vond de eerste oogst van sojabonen plaats. Dat gebeurde op een veld van vijf hectare van Jimmy De Prins, een van de vijf landbouwers die als pioniers in Vlaanderen van start gingen met professionele sojateelt. De kwaliteit is zeer goed.

De Leuvense groep Aveve heeft samen met voedingsproducent Alpro, het Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek en het departement Landbouw en Visserij de schouders gezet onder de sojateelt.

De KU Leuven heeft de voorbije vier jaar onderzoek verricht naar de mogelijkheden voor sojateelt in ons klimaat. De resultaten waren beter dan verwacht. Dat was het sein om soja als nieuwe teelt in Vlaanderen uit te rollen. Het tropische gewas blijkt geschikt om in onze contreien te groeien.

Steun

Jimmy De Prins uit Grimbergen stapte in het project omdat de prijzen voor graan op dit ogenblik (te) laag zijn.  “De teelt is milieuvriendelijk en vraagt weinig investeringen. Het is een plant die weinig bemesting nodig heeft”, zegt De Prins.

De kwaliteit van de geoogste soja ligt boven de verwachtingen. “We constateerden een vochtgehalte van zestien procent en een eiwitpercentage van veertig procent. Dat is bijzonder goed.”

De vijf boeren hebben voor dit jaar samen 25 hectare soja ingezaaid. De gezamenlijke sojaoogst wordt geschat op honderd ton. In 2018 is vijftig hectare het streefdoel. Om het risico voor de landbouwers te beperken zijn financiële afspraken gemaakt binnen de startende sojaketen. De boeren krijgen ook een sterke omkadering. Bij De Prins wordt de teelt begeleid door Sanac, een dochteronderneming van Aveve.