Van de kmo’s in Vlaanderen plant 35 procent een verkoop aan een externe overnemer. Iets meer dan de helft van die ondernemers ziet dat zelfs binnen de vijf jaar gebeuren. Van de bedrijven die een externe verkoop overwegen, vindt 71,8 procent moeilijk een geschikte koper. Dat blijkt uit een rondvraag door het Agentschap Innoveren & Ondernemen, dat van 23 tot 27 oktober de week van de bedrijfsoverdracht organiseert.

De jaarlijkse week van de bedrijfsoverdracht staat volledig in het teken van het overnemen of overlaten van bedrijven. Gevraagd aan wie ondernemers hun bedrijf het liefst zouden overlaten, antwoordt ongeveer de helft “de eigen kinderen”. Slechts 21 procent gaat er vanuit dat dat in de praktijk ook zo zal zijn.

Voor zowat veertig procent van de ondernemers behoort zelf een bedrijf overnemen tot de opties. De belangrijkste reden is dat het een minder groot risico vormt dan een bedrijf van nul op te bouwen. Grootste struikelblok zijn onverwachte problemen die kunnen opduiken.

Uit de rondvraag valt op dat een overname lang niet altijd zo weloverwogen is.  Van de ondernemers die een overname achter de rug of in het vooruitzicht hebben, geeft 31 procent aan dat het iets is dat hen is overkomen, een “plotse opportuniteit”.

De vergrijzing van de bevolking heeft een belangrijke impact op de Vlaamse economie: 54.000 Vlaamse kmo’s hebben een zaakvoerder van 55 jaar of ouder. Samen hebben zij 297.000 werknemers en maken ze 1.357.000 euro winst.

In Diegem (Machelen) vindt op dinsdag 24 oktober in een organisatie van EY een sessie plaats over de verkoop van een familiebedrijf aan derden.