In Leuven werd donderdag een mobiliteitsenquête van de Landelijke Gilden bij meer dan duizend plattelandsbewoners voorgesteld. Voor tachtig procent is de auto het meest gebruikte vervoermiddel. Maar 43 procent geeft aan zich alleen met de fiets of te voet te willen verplaatsen.

Van de ondervraagde plattelandsbewoners verplaatst 24 procent zich momenteel exclusief met de auto. Automobilisten die ook fietsen en wandelen, zijn goed voor 43 procent. Het totale gemotoriseerde verkeer haalt 67 procent. Veertien procent verplaatst zich exclusief met de fiets of te voet, achttien procent gebruikt het openbaar vervoer.

Liefst 43 procent wil zich uitsluitend met de fiets of te voet verplaatsen. Dat is een principiële voorkeur, los van concrete omstandigheden of praktische haalbaarheid. Vooral automobilisten geven de voorkeur om uitsluitend te fietsen en te wandelen. Zowel van hen die uitsluitend de auto gebruiken als bij de groep die de wagen combineert met andere vervoersmodi wil telkens 44 procent volledig overstappen op de fiets.

“De grootste modal shift kan gerealiseerd worden door alle automobilisten die de fiets overwegen effectief te overtuigen om over te stappen op de tweewieler”, zeggen de Landelijke Gilden. Uit de enquête blijkt dat autobestuurders zich vooral onderscheiden door hun drang naar comfort. Milieubewustzijn en een goede infrastructuur zijn noodzakelijk voor de modal shift. In de keuze voor de fiets spelen vooral gezondheid, kostprijs en flexibiliteit een rol.

Zeven procent van de volwassen bewoners van het platteland is volledig afhankelijk van het openbaar vervoer en de fiets om zich te verplaatsen. “Op het platteland is vervoer een belangrijke voorwaarde om te kunnen deelnemen aan de samenleving. Daarom is het voor de overheid een uitdaging om het openbaar vervoer beter af te stemmen op de behoeften van de plattelandsbewoners.”